Ngadima en Misran Amatsabari

Ik ben Misran Amatsabari. Ik ben in 1948 geboren in Kronenburg in het district Commewijne Mijn grootouders kwamen uit Indonesië. Mijn ouders zijn in Suriname geboren. Mijn ouders zijn al overleden. Zij zijn in Nederland overleden. Ik woon al om en bij 32 jaar in Nederland. Het gezin van mijn ouders telde negen kinderen: vijf meisjes en vier jongens.

Ngadima Amatsabari: Ik heet Ngadima Sariredjo. Ik ben op 8 augustus 1950 geboren aan de Nieuw Weergevondenweg in het district Suriname. Mijn vader kwam uit Indonesië, maar mijn moeder is in Suriname geboren. Mijn man en ik hebben samen zes kinderen, vier jongens en twee meisjes. Ons laatste kind is in Nederland geboren.

Misran Amatsabari: ik heb de Javaanse cultuur geleerd in mijn dorp. In het dorp had je de kebayan (dorpsbestuur) , bestaande uit het dorpshoofd en zijn helpers. In het dorp werden vaak slametans gehouden. Daarvoor kregen de bewoners een undangan (uitnodiging). Er werden bijvoorbeeld slametans georganiseerd ter gelegenheid van sasi suro, slametan sasi mulud, bersih desa . Ik deed mee en hielp bij de slametans. Zo raakte ik ingeburgerd in de praktijk. Ik was er vroeg mee begonnen. Voordat ik mee mocht doen, moest ik wel eerst besneden zijn. Dat moest, dat is de traditie. Jongens worden meestal tussen hun zesde en achtste verjaardag besneden. Ik was 8 jaar toen ik werd besneden. Ik was 15 jaar oud toen ik dingen kon bevatten en actief werd in de Javaanse tradities. Ik ging mee met de oudere mannen. Ik wilde het zelf, niemand dwong mij. Van mijn eigen ouders heb ik het niet geleerd, maar van andere ouderen die daarin gespecialiseerd zijn. Ik zat altijd naast deze ouderen, keek toe en deed na. Nu ben ik 63 jaar oud en ik doe het nog steeds. Ik doe het omdat ik het belangrijk vind en ik hoop dat jongeren de traditie zullen voortzetten, want dat is onze basis. Ik heb de jongeren in mijn organisatie ook gezegd dat ze het kunnen en moeten leren.

Ngadima Amatsabari: ik heb ook slametans kunnen doen door te kijken naar ouderen. Mijn oma was een dukun . In Suriname was ik niet zo actief als hier in Nederland. Er waren veel ouderen in de familie. Het werk deden zij, maar ik hielp veel en leerde. Langzamerhand kon ik het zelf doen. Toen ik mijn eigen huishouden begon, wist ik al wat ik moest doen. Hier in Nederland doe ik het samen met mijn man en omdat hij zo actief is in een organisatie ben ik automatisch ook actief betrokken.

Misran Amatsabari: Voor elke slametan is er een aanleiding en elke aanleiding is verschillend. Ook de wensen van de personen die een slametan geven verschillen en daarmee wordt rekening gehouden. Een slametan kan eenvoudig of groots zijn. Ik geef als voorbeeld een slametan bij een huwelijk.

Bij een huwelijk vindt eerst de sikoman (huwelijksplechtigheid) plaatst. Er zijn twee getuigen, een voor de bruid en een voor de bruidegom. Bij de sikoman worden afspraken gemaakt tussen bruid en bruidegom. Daarom is het een belangrijk onderdeel van een huwelijk. De sekar mayang , de plechtigheid met de bloemschikking, is verplicht. Deze volgt na de sikoman.
De sikoman kan heel eenvoudig zijn. Na de sikoman wordt een maaltijd genuttigd en als men het wenst kan een slametan worden gehouden. De slametan kan eenvoudig of groots zijn. Een kleine slametan bij het huwelijk heet walimah. Is het groots dan wordt het slametan Ruwah Rasul genoemd. Dat betekent dat de slametan uitgebreid is. Dan worden alle gerechten die bij een slametan horen klaargemaakt. Een complete slametan. Er is dus een verschil tussen een eenvoudige slametan, de among-among en een Ruwah Rasul en iedereen kan dat bij elke gebeurtenis zelf bepalen. Behalve bij overlijden, want bij overlijden wordt een Ruwah Rasul gehouden op de 1000ste dag na overlijden. Dan heet het Arwah Rasul.
Wat er allemaal bij een slametan Ruwah Rasul wordt klaargemaakt is het volgende:
– Banyuh staman, dat is een glas water met een bloem.
– Jenang abang symboliseert de levensader via je moeder, jenang putih symboliseert de levensader via je vader en jenang lulah sengkala, die bedoeld is om de boze, slechte dingen weg te jagen. Jenang abang, letterlijk rode pap, is niet gekleurd met rode kleurstof. Het is gezoet met bruine suiker en krijgt daarvan een vale kleur. Jenang putih is witte pap en ongezoet, terwijl de jenang tulah sengkala wit is met een blauw kruisje.
– Surayuh: bestaat uit een baskom gevuld met banyuh staman, gedang, geld, tabak en lucifers. De tabak wordt met njet en gambir in een godong suruh gedaan en dichtgevouwen. Dit is een offer aan Dewi Siti Pertimah. Zij waakt over de vrouwen die koken en helpen. Dit is een kejawan traditie, het is geen moslim gebruik. Het staat verder nergens beschreven. Het is pure overlevering. De mannen vragen hetzelfde aan de profeet Mohammed, vrede zij met hem.
– Songo: rijst, met ei en gudangan, bedoeld voor de ‘menteri’die over de grond waakt.
– Asahan: bestaat uit rijst met sambel goreng, serundeng, pejek en alle andere gerechten die worden klaargemaakt. Dat is voor de mensen die koken, de mensen die uitgenodigd zijn en voor de overledenen.
– Panggang is geroosterd kip. Panggang gaat samen met golong. Golong is rijst die in veertien pakketten wordt verpakt met bananenblad. In Nederland worden de hoopjes gemaakt in folie. De veertien pakketten symboliseren dat ze bedoeld zijn voor zeven paren, man en vrouw. Het is voor de zegen van hen die koken en helpen.
– Ingkung santen wordt gebruikt bij de sikoman en het gaat samen met sega gurih .
– Jajan pasar dient te bestaan uit zeven verschillende dingen, bijvoorbeeld vruchten en snoep die niet zelf gemaakt zijn maar (op de markt) zijn gekocht.

Vroeger stond niets op papier. Veel leerde ik door stil te zijn en te luisteren en alles wat gezegd wordt te onthouden (apalan ). Het is pure overlevering. Zo gaat het jaar in jaar uit.

Het maken van ingkung willen wij graag uitleggen.
Bij een slametan worden speciaal minimaal drie kippen geslacht voor de panggang en de ingkung. De rest van de kippen mag op een andere manier worden geslacht maar voor deze drie moet toestemming worden gevraagd aan Nabi Suleiman. Hij is degene die waakt over de dieren. Het bloed van de kippen moet bij het slachten vloeien over de aarde. Het bloed symboliseert Nabi Suleiman. In Nederland mag dat niet, hier wordt het bloed opgevangen. Dit is geen Islam traditie, maar een kejawan traditie. In Nederland worden de kippen bij de boerderij of bij het pluimvee bedrijf geslacht. Ik ga zelf er naar toe om de sahadad uit te spreken.

Voor ingkung wordt een haan gebruikt, de lancur. Lancur is een haan die nog niet gepaard heeft. Nadat de kippen geslacht zijn, worden ze schoon gemaakt. Het plukken van de kip moet met beleid gebeuren en ook dan wordt een sahadad uitgesproken. Voordat de kip wordt klaargemaakt wordt wederom de sahadad pertimah uitgesproken. Daarmee wordt toestemming gevraagd om de kip klaar te maken en de zegen opdat de bereiding goed verloopt. De hele kip wordt gebruikt nadat de darmen goed zijn schoongemaakt. Ook de poten en de snavel moeten goed worden gereinigd. De kip wordt daarna met witte katoen gebonden, op een speciale manier zodat de kop van de kip rechtop staat, alsof de kip rechtop zit. Het vereist een bepaalde manier van binden, want nadat de kip gaar is moet de kip nog diezelfde houding aannemen. De houding symboliseert dat de gebeden in de richting van de allerhoogste worden gestuurd. De kip is kompleet, het heeft alle lichaamsdelen. Dat symboliseert compleetheid en dat wij bidden dat er geen tekortkomingen zullen zijn.
Degene die de ingkung kookt, bidt voor zegen opdat tijdens het koken alles goed gaat. De bumbu bestaat uit: kunyit, laos, uien, knoflook, godong salam, zout en santen. Dat wordt allemaal fijngemaakt. Santen (kokosmelk) is een belangrijk ingrediënt.
Bij de ingkung wordt geen olie gebruikt om de kruiden te fruiten. De bumbu wordt gemengd met water en santen en als het is opgekookt wordt de kip erin gelegd. Na een half uur wordt de kip voorzichtig omgedraaid. Het is precisie werk. Als het niet goed gebeurt, mislukt het. De ingkung moet heel zijn, ook het vel van de kip moet heel blijven.

In Suriname kookten wij op hout. Het is een kunst om het vuur onder controle te houden. Het vuur moet niet al te hevig zijn anders gaat het mis. In Nederland gaat het koken makkelijker, alles gebeurt met een gasfornuis. In Suriname is het gezelliger koken. Er wordt een tratak gebouwd en wij koken in de buitenlucht. Met z’n allen worden verschillende gerechten klaargemaakt.

Soms gaat het verkeerd met de ingkung. Als er nog bloed in zit is de kip niet gaar. Het is uiterst belangrijk dat de vrouwen die voor de slametan koken gefocust zijn, en zich niet laten afleiden. Ze moeten ook rein zijn in hun gedachten, anders maken ze fouten. Vrouwen die menstrueren mogen niet koken voor een slametan. Vrouwen moeten eerlijk zijn. Dat geldt ook tijdens de ramadan.

Je weet pas of de ingkung goed is nadat de gebeden zijn gedaan en het eten wordt verdeeld. Daarvoor is het niet mogelijk. De ingkung wordt namelijk heel gelaten tot op het moment van verdeling. Dat het goed gaar is, is dus heel belangrijk.

Ingkung wordt opgediend met sego gurih. De kruiden voor sego gurih bestaat uit laos, santen, salam, zout, knoflook en uiten. De kruiden worden fijngemaakt en gekookt met de rijst. Als het water is opgekookt en helemaal opgenomen door de rijst, wordt de rijst verder gestoomd (diadang) . Dit gebeurd in een stoompan gemaakt van bamboe in de vorm van een trechter. Het deksel is een blad of een dienblad van bamboe. Stomen is beter want daarmee voorkom je dat je ongare delen van de rijst krijgt (mletis ). Je kunt met je vingers aanvoelen of proeven of de rijst helemaal gaar is. In Suriname gebruikten wij bananenblad om de bodem van een grote baskom (ronde grote diepe schaal gemaakt van aluminium, email of plastic) te bedekken waarop de rijst wordt gelegd. Op de rijst wordt de hele ingkung gelegd. In Nederland gebruiken wij geen bananenblad maar folie. Op de rijst wordt een bord gelegd met daarop de ingkung.
Na het gebed en de zegening wordt de ingkung gebroken in stukken. Voordat de gerechten verdeeld worden over de aanwezigen, krijgen degenen die gekookt hebben het eerste stuk, samen met andere gerechten, bami, sambel goreng enz. Het maakt niet uit welk stuk van de kip, als het maar niet de botten zijn. Daarnaast krijgen ze lalapan (rauwkost): komkommer, kouseband, uien, peper. Dat wordt op een apart bord gezet. Dat moet altijd erbij.
Daarna krijgt de kaum (voorganger), en na de kaum de rest van de mensen wat van de gerechten die zijn klaargemaakt. Niet altijd is de ingkung genoeg voor alle personen. Vooral als er veel mensen komen. De verdeling kent ook een volgorde. Eerst krijgen de gasten rijst, groente, sambel goreng, vlees en bami. Daarna de ingkung en gudangan . De jajan pasar wordt als laatste verdeeld.

Betekenis van Javaanse woorden:

Sasi suro, sasi maulud, bersih desa zijn namen van bijzondere gebeurtenissen volgens de Javaanse traditie die gemarkeerd worden met een slametan.
Dukun = vrouw/man die kennis heeft van de Javaanse tradities en daarin een voorgangers rol vervult.
Sekar mayang = te vergelijken met een bloemschikking bestaande uit diverse gevlochten stukken/figuren die geluk, trouw, voorspoed, vruchtbaarheid symboliseren; wordt alleen bij een huwelijk gemaakt.
Among-among = eenvoudige slametan
Baskom = grote ronde diepe schaal gemaakt van aluminium, e-mail of plastic
Godong suruh = betelblad
Kejawan = pre-islamitische Javaanse tradities
Sambel goreng = pikant gerecht van aardappelen of tempé; serundeng = gerecht van geraspte kokos; peyek = hartige cracker waarin sojabonen, of pinda of garnalen zijn verwerkt.
Ingkung santen = hele ongehakte kip gekookt in santen en kruiden.
Sega gurih = rijstgerecht, geurig gekookt in santen en kruiden.
Apalan = onthouden en alles uit het hoofd opzeggen.
Sahadad = tekst/spreuk
Kunyit = kurkuma (geelwortel) en laos = galangal, beide gembersoorten. Godong salam = salamblad (te vergelijken met laurierblad)
Tratak = feesttent
Ngadang = werkwoord voor stomen. Diadang = wordt gestoomd.
Mletis = niet gaar, wordt alleen gebruikt bij (kleef)rijst
Gudangan = gerecht gemaakt van een verzameling gekookte groenten, gemengd met pikant gekruide geraspte kokos.
Jajan pasar = verzameling van lekkernijen die niet zelf gemaakt zijn, maar gekocht.